Michaël Van Droogenbroeck over journalistiek in de Wetstraat

Onlangs was het provocatieve Pow-nieuws uit Nederland te gast in de Wetstraat. De Nederlandse journalist was verontwaardigd over ‘het touwtje’ waar hij achter moest staan en vond dat onze ‘Belgische waakhonden’ (de media, nvdr.) aangelijnd werden. Michaël Van Droogenbroeck, VRT-journalist en Wetstraat-veteraan, schetst voor ‘Koekje bij de koffie’ hoe de vork echt in de steel zit.
door Gunther Malin


“Belgische waakhonden aangelijnd”, zegt het Pow-nieuws. Ervaren de Belgische journalisten dat ook zo?

Van Droogenbroeck: “Wij ervaren dat absoluut niet zo. Kijk, die Nederlandse journalist wilde gewoon provoceren. Het had niets te maken met inhoud. Dat touwtje waar hij het over had, dient enkel om wat orde te scheppen. In de periode van het ontslag van Yves Leterme (voormalig Belgisch premier, nvdr.) stond het federale parlement vol met pers. Op een bepaald moment kon niemand nog passeren. Toen hebben ze besloten om daar dat touwtje te zetten om wanorde te vermijden. Dat heeft absoluut niets te maken met het aanlijnen van de pers. Het gaat enkel om een soort ‘gentlemen’s agreement’, een praktische afspraak.”

Lieve Wierinck (Open-VLD) zegt nochtans dat de politici de pers weren. Filip De Winter (Vlaams Belang) vindt ook dat de transparantie in het federale parlement beter kan. Is het parlement echt weinig transparant?

“Nee, de transparantie is zelfs zeer groot. Alles verloopt zeer open. Plenaire zittingen zijn openbaar en worden bijvoorbeeld ook volledig opgenomen. Journalisten kunnen bovendien heel ver doordringen in het parlement. In tegenstelling tot in andere landen kunnen wij echt tot aan de deur van de plenaire zaal doorwandelen en daar post vatten. Om te vermijden dat er meer cameraploegen dan parlementsleden aan die deur staan, zijn er wel enkele praktische afspraken gekomen zoals dat touwtje.”

“Niets houdt ons echter tegen om ons werk te doen. Lieve Wierinck zegt dat de pers geweerd wordt, maar de ministers en politici die iets moeten of willen zeggen, die zeggen iets. Willen ze niets kwijt, dan zwijgen ze en dat zou zonder dat touwtje ook zo zijn. Wij zijn niet minder kritisch en de parlementsleden ontlopen hun verantwoordelijkheid niet.”

“Ik vind het trouwens absurd dat het een Nederlander is die zegt dat de Belgische pers aangelijnd wordt. Toen ik de Nederlandse politiek volgde, ben ik ook in de Nederlandse Tweede Kamer geweest. Daar worden de journalisten veel meer op afstand gehouden dan hier. Er is geen sprake van dat zij zo dicht bij de parlementsleden geraken als wij.”

Michaël Van Droogenbroeck bellend in actie in de Wetstraat.

Michaël Van Droogenbroeck bellend in actie in de Wetstraat. (Foto Flickr: Marc Van Campenhout)

Zijn er nog andere protocollaire regels waar journalisten zich aan moeten houden?

“Er zijn enkele afspraken, ja. Bijvoorbeeld dat wij interviews kunnen afnemen in de plenaire zaal wanneer er geen zittingen zijn. Het zou er nog aan mankeren dat je daar interviews staat te doen tijdens een zitting natuurlijk. Dat geldt wel enkel voor parlementsleden of gewezen parlementsleden en ministers. Andere politici kunnen we bijvoorbeeld ook interviewen in de trappenhal. Het is evident dat we niet zomaar in de plenaire zaal binnen mogen, maar dat is in geen enkel parlement ter wereld zo. Er zijn dus zeker enkele formele afspraken, maar dat zijn gewoon logische werkafspraken.”

Toen de Nederlandse journalist in bovenstaand videofragment een vraag wilde stellen, zei Steven Van Ackere dat hij liever voorrang gaf aan de Belgische pers. Is dat wel correct?

“Dat lag vooral aan die kerel van het Pow-nieuws. Hij was ten eerste heel opdringerig en bovendien is hij iemand die daar anders normaal nooit zou staan. Het is in elk ander land ook zo. Toen ik in Nederland was ten tijde van de aanslag op de koningin ben ik mij daar ook niet gaan opdringen. Had hij een gewone vraag gesteld over de begroting, dan zou Van Ackere waarschijnlijk wel geantwoord hebben.”

“Wat die man bracht, was geen journalistiek. Het was geen correcte weergave, ongenuanceerd, kort door de bocht en provocatief. “

“Er is wel een informele afspraak dat de Franstalige ministers eerst de Franstalige pers te woord staan en dan de Vlaamse. Dat geldt dan ook voor de Vlaamse ministers: zij staan eerst de Vlaamse pers te woord. Maar dat is opnieuw gewoon een ‘gentlemen’s agreement’.”

Van Ackere kon duidelijk ook niet goed overweg met de opdringerige stijl van de Nederlandse journalist. Was die journalist extreem opdringerig of is onze Belgische pers gewoon veel braver?

“Dat lag opnieuw aan die kerel. Hij was een enorm opdringerig ventje. Bovendien is arrogant zijn niet hetzelfde als kritisch zijn. Belgische journalisten zijn zeker niet te braaf. Wij zijn kritisch en wij doen ons werk.”

Uit je antwoorden blijkt al dat je het niet zo begrepen hebt op de aanpak van het Pow-nieuws. Maar denk je dat er nood is aan zo’n journalistiek?

“Wat die man bracht, was geen journalistiek. Het was geen correcte weergave, ongenuanceerd, kort door de bocht en provocatief. Mochten alle nieuwsbulletins zo zijn, dan was de meerwaarde nihil. Er is een verschil tussen een kritische pers en de aanpak van het Pow-nieuws. Die man was een arrogant ettertje, maar dat maakt hem nog geen journalist.”

Dit artikel mag uitsluitend gepubliceerd worden op ‘Koekje bij de koffie’.

Advertenties

Een Reactie op “Michaël Van Droogenbroeck over journalistiek in de Wetstraat

  1. Pingback: ‘Mochten alle nieuwsbulletins zo zijn, dan was de meerwaarde nihil’ « Zonder Graten

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s